Wie waren onze dirigenten? - Deel XII

 

Anne E. de Bruijn (1951) dirigent van 1976-1989

 

Cantor-organist-componist-dirigent Anne E. de Bruijn studeerde schoolmuziek, koordirectie, orgel en orkestdirectie aan de Conservatoria van Leeuwarden en Zwolle. Hij schrijft kerkmuziek en koorwerken, zoals 'Les saisons de la vie'. Hij is dirigent van ‘DelftBlue’ en het ‘Schoorls Gemengd Koor’, en artistiek leider van het ensemble ‘Provocale’. Onder zijn leiding hebben bijzondere muzikale projecten gestalte gekregen, zoals in 1978 met Toonkunstkoor Heerenveen, zie hieronder bij ‘1978’. Vanaf de jaren 80 is Anne E. de Bruijn cantor-organist van de Grote of St.Martinuskerk te Dokkum. Door zijn werk als organist en als dirigent van de Martinuscantorij is een rijke liturgische praktijk ontstaan. Hij doceert culturele en kunstzinnige vorming aan het Dockingacollege te Dokkum.

In het Bonifatiusjaar 2004 organiseerde hij een bijzonder muzikaal project rond het leven en werk van Bonifatius.


In 1976 treedt de 25 jaar jonge Anne E. de Bruijn aan bij Toonkunstkoor Heerenveen. Eerste concert is in nov. 1976; uitgevoerd worden de Missa Brevis in F (‘Jugendmesse’), Geistliches Lied van F. Mendelssohn en ‘Meinen Jesum lass ich nicht’ van Max Reger.

Een jaar later, nov. 1977, enkele delen uit het Weihnachtsoratorium van J.S. Bach, en de Krönungsmesse van W.A. Mozart. Solisten: Eva Venhuis en Cor Niessen, met Jan Veninga, de Bruijn’s leraar, op het orgel.

 

Topjaren

In 1978 brandt Anne de Bruijn los met het Toonkunstkoor Heerenveen en het Frysk Orkest: in ‘t voorjaar wordt een speciaal concert gegeven in Wooncentrum Oranjewoud met liederen uit Renaissance en Romantiek. Datzelfde voorjaar is er in de Doopsgezinde Kerk te Heerenveen een veelzijdig concert met koorwerken van Schütz, Telemann, Hugo Distler en Piet Post.
Nov. 1978 delen uit Weihnachtsoratorium van J.S. Bach en het Oratorio de Noël van C. Saint-Saëns. Op het orgel: Piet Post, de ex-dirigent van het Toonkunstkoor.

Tot slot van 1978 een groot concert met Frysk Orkest o.l.v. David Porcelein en Toonkunstkoor Heerenveen o.l.v. Anne E. de Bruijn in de Europalaankerk. Uitgevoerd worden werken van Dvorak, Wieniawski en nogmaals Dvorak, nl. het Te Deum.

In deze jaren klimt het ledental van 50 naar bijna 80. De recensies zijn overwegend lovend.

 

1979 Messiah van Handel

1980 110 j. jubileum met Stabat Mater van Dvorak en het Oratorio de Noël van C. Saint-Saëns

1981 voorjaar: Messiah met o.a. soliste Aafje Heynis. Recensent schreef over een ‘indrukwekkende verkondiging’.

2e kerstdag 1981: concert in Kerk aan de Fok met Pachelbel, Zoltan Kodaly en één der ‘Quatre Motets pour le temps de Noël’ van Fr. Poulenc, Magnificat van Hendrik Andriessen, besloten met het bekende ‘Once in royal David’s City’ van Willcocks. De recensent had voor dit concert helaas geen goed woord over voor de mannenstemmen.

1982 voorjaar: van Fauré de Cantique de Jean Racine en het Requiem , en het Gloria van Poulenc. Dit laatste werk werd door recensent Luuk Binksma gekenschetst als ‘een explosie van melodische vondsten’.

Najaar: Krönungsmesse en Ein deutsches Requiem. Goede recensies met complimenten voor de dirigent.

 

De eerste Dido en Aeneas

Voorjaar 1983 een concert in het Posthuis met uiteenlopende liederen, en enkele koorwerken uit Purcell’s Dido en Aeneas, de opmaat naar de complete uitvoering in het najaar. Deze Dido en Aeneas was een spectaculaire uitvoering en een grootse prestatie van koor, solisten en instrumentalisten. Hoewel de recensent kritiek had vooral op het orkest, was het publiek enthousiast. Koorleden en solisten waren gekleed in oud-Griekse gewaden. Over dit concert is nog lang na gesproken. De reputatie van Anne de Bruijn werd opnieuw bevestigd.

 

De kostuums bij de uitvoering van Dido and Aeneas

 

1984 Messe solennelle van Gounod en het Requiem van Duruflé. De recensent schreef : ‘dit gedenkwaardig concert was de lange zit op de harde banken ten volle waard’.

1985 voorjaarsconcert in Doopsgezinde Kerk met werken van Engelse componisten, en het Domine Deus van Michael Haydn. In ’t najaar werd in de overvolle Europalaankerk de Messiah van Handel uitgevoerd. Het koor ‘was trefzeker met de inzetten en maakte een uitstekende indruk’.

1986 Mozart’s Requiem en de Messa di Gloria van Puccini: ‘Toonkunstkoor op de top van zijn kunnen’ en ‘Frysk orkest verdient eveneens grote lof’.

1987 Voorjaar: Concert met Romantische liederen in De Rinkelbom.

Najaar: In de Europalaankerk ‘Let Thy Hand Be Strenghtened’ van Handel, ‘Jephte’ van Carissimi, en opnieuw een succesvolle ‘Dido and Aeneas’ van Purcell.

1988 Ein deutsches Requiem van Joh. Brahms

1989 4 mei herdenkingsconcert met Quatre motets van Duruflé, en zijn Requiem.

December: Oratorio de Noël van Saint-Saëns, en het Stabat Mater van Rossini.

 

dissonant

Anne E. de Bruijn heeft het koor 14 jaar gediend. Hij heeft het groot gemaakt in reputatie en ledental: dat steeg van 50 naar 80. Hij heeft het aangedurfd vernieuwend te programmeren, en met succes. In zo’n lang tijdsbestek beleef je met elkaar hoogte- en dieptepunten. Hoogtepunten waren er vele. Het is spijtig dat een dieptepunt zich aan het eind van zijn arbeidsduur voordeed: bestuur en dirigent bleken niet in staat een zakelijk meningsverschil bij te leggen. Januari 1990 verliet hij het koor en met hem 14 leden.

Anno 2012 is de Bruijn in Friesland actief met zijn stichting ‘Promovocaal’, zie http://www.promovocaal.nl/ Hij organiseert voor koorzangers workshops en zang-vakantieweken.

Onze sponsors:

Login voor leden

Als lid van het Toonkunstkoor hebt u toegang tot het besloten deel van de website. U kunt hieronder inloggen met deze gegevens.